Is de universitaire scriptie echt dood en begraven als gevolg van ChatGPT?
Verschenen in Trouw, 21 juni 2025
Ik stond dinsdagochtend nietsvermoedend te douchen toen Radio 1 me ineens vertelde dat de scriptie in het hoger onderwijs ‘verleden tijd’ is. Hier moest ik meer van weten, want we doen bij ons op de opleiding nog alsof de scriptie springlevend is.
Radio 1 bleek zich te baseren op de voorpagina van het Algemeen Dagblad. Generatieve AI had het gedaan, ontdekte ik daar, ChatGPT en consorten. Die konden nu ook complete scripties schrijven. Al een tijdje eigenlijk: hogeschooldocent Tom Naberink had dat de afgelopen jaren al laten zien, beschreef het AD.
Naberink had verwacht dat zijn ChatGPT-scripties de doodsteek voor de scriptie zouden zijn, maar tot zijn stomme verbazing laten hogescholen en universiteiten hun studenten nog altijd afstuderen met een scriptie. Dat moet afgelopen zijn, wat hem en zijn collega Marcel Mutsaars betreft: samen hebben ze ‘de ambitie om ervoor te zorgen dat er volgend jaar nergens meer een scriptie wordt beoordeeld’.
Tamelijk onhaalbaar, gezien de doorlooptijd van de universitaire bureaucratie. Los daarvan: het afschaffen van de scriptie lijkt me een weinig zinvolle reactie op de komst van generatieve AI. Zeker, ChatGPT et al. bezorgen ons aan de universiteit de nodige hoofdbrekens – zie alleen al het aantal vergaderuren dat ik kwijt geweest ben aan het vinden van de juiste formulering zodat het examenreglement wél ChatGPT maar niét de spellingscontrole in Word verbiedt.
Maar over de scripties maak ik me nu juist relatief weinig zorgen. De redenering van Naberink en Mutsaars is: generatieve AI kan een scriptie schrijven, dus studenten schrijven hun eigen scripties niet meer.
Wie zo denkt, reduceert studenten tot calculerende consumenten, voorzien van geweten noch leergierigheid, uitsluitend op zoek naar de kortste weg naar een diploma. Zulke studenten kom ik nauwelijks tegen; ik ken vooral studenten die, geloof het of niet, daadwerkelijk iets willen leren.
Natuurlijk, ze zijn niet elke dag even gemotiveerd; en ze zullen heus ook weleens generatieve AI gebruiken op momenten dat wij als docenten dat niet willen. Maar juist bij de scriptie is dat zo makkelijk nog niet.
Naberink en Mutsaars zien de scriptie als een lap tekst die je inlevert bij een docent, die er vervolgens een cijfer op plakt, klaar. Maar een scriptie is veel meer dan dat: het is een proces, waarbij je als begeleider intensief meekijkt. De ‘scriptie’ heet bij ons (en bij veel andere opleidingen) officieel dan ook geen ‘scriptie’, maar ‘onderzoeksproject’. Dat project duurt bij onze opleiding zes tot negen maanden – soms (veel) langer, als de student niet helemaal op schema loopt. In die tijd spreek ik studenten elke twee à drie weken een uur.
Dat is weinig, vergeleken met bijvoorbeeld mijn meer experimentele collega’s die dagelijks naast hun studenten in het lab staan, maar het is meer dan genoeg om een beeld te krijgen van wat de student aan het doen is, en hoe die in het onderwerp zit. Ik praat met studenten over hun onderzoeksvraag en hun bronnen, ik raad ze literatuur aan en vraag wat ze ervan vonden, ik stel ze kritische vragen over hun analyse.
Zo’n project laat geen ruimte voor studenten om met ChatGPT in een lang weekend een scriptie in elkaar te laten zetten. Ze moeten zelf onderzoek doen, zelf nadenken en zelf precies weten waar ze mee bezig zijn – anders vallen ze door de mand.
Als u de academische wereld een beetje kent, zou u hier tegenin kunnen brengen dat er ook opleidingen zijn waar het anders gaat. Waar studenten maximaal drie keer een halfuur met hun begeleider mogen praten, waar begeleiders niet meekijken bij het onderzoek zelf, waar de student die vastloopt het zelf moet uitzoeken. Zo’n regime komt meestal voort uit een overschot aan werkdruk en een tekort aan geld – en inderdaad, misschien schrijft daar niet iedere student zijn scriptie zelf.
Dat kun je oplossen door de scriptie dood te verklaren. Maar ook, en beter, door het hoger onderwijs adequaat te financieren.